Passende en noodzakelijke rechtvaardiging

Passende en noodzakelijke rechtvaardiging

Printvriendelijke versie

Je kunt als werkgever een direct of een indirect onderscheid maken tussen werknemers. Bijvoorbeeld: een bedrijf geeft een premie aan werknemers, die nog nooit ziek geweest zijn. Het bedrijf maakt daardoor een onderscheid op één van de beschermde criteria, namelijk gezondheid, en moet het rechtvaardigen.

Onderscheid: dit betekent dat er sprake moet zijn van een daadwerkelijk onderscheid in behandeling, dus een minder gunstige behandeling, van personen in een vergelijkbare situatie, waarbij er sprake is van een discriminatiegrond zoals bedoeld in de wet.

Wat houdt de passende en noodzakelijke rechtvaardiging in?

Je streeft een 'legitiem doel' na en de gekozen middelen zijn 'passend' en 'noodzakelijk' om jouw doelstelling te bereiken.
Voor elke situatie moet je de rechtvaardiging toetsen in een drietraps-test:

- legitiem doel :

Je gaat eerst na of de maatregel een geoorloofde arbeidsgerelateerde doelstelling nastreeft, zoals bijvoorbeeld de vlotte organisatie van het werk, het bevorderen van de veiligheid, hygiëne en welzijn op het werk, ...  De doelstelling mag niet willekeurig zijn en moet voldoende zwaarwichtig zijn om een aantasting van het grondrecht op gelijke behandeling te verantwoorden. Bij betwisting moet de rechter de ware bedoelingen nagaan van de persoon, die wordt aangeklaagd voor vermeende discriminatie. Stereotypes, veralgemeningen of de wens om rekening te houden met de discriminatoire voorkeuren van het cliënteel kunnen nooit een legitieme doelstelling zijn. Je kunt een discriminatie ook niet rechtvaardigen door te zeggen dat het vermijden van discriminatie kosten met zich zou meebrengen of de concurrentiepositie kan aantasten.

- passende maatregel (pertinentietoets):

Daarna bekijk je of de maatregel geschikt is om het doel te realiseren. Hij moet er daadwerkelijk toe bijdragen om het doel op een passende manier te bereiken. Een maatregel is niet passend als die er in vergelijking met andere maatregelen slechts in beperkte mate toe bijdraagt het doel te realiseren.

- noodzakelijke maatregel (proportionaliteitstoets):

Tenslotte onderzoek je of de maatregel redelijk blijft ten opzichte van het doel dat je wil bereiken. Misschien kun je je doel ook met andere maatregelen bereiken? Tasten die het recht op een gelijke behandeling minder aan? Je vergelijkt de impact, die de verschillende mogelijke maatregelen hebben of zouden kunnen hebben.

Deze rechtvaardigingstoets is soms een kwestie van delicate afwegingen. Men moet elk geval apart analyseren en rekening houden met factoren zoals de evolutie van gebruiken en van de mentaliteit in de samenleving en van de situatie van degene, die het onderscheid toepast: een individu, een onderneming of een overheidsinstantie.

Over welke criteria gaat het?

Voor een direct onderscheid op deze criteria:

  • huidige of toekomstige gezondheidstoestand, fysieke of genetische eigenschap, taal, politieke overtuiging, sociale afkomst, vermogen, geboorte, burgerlijke staat en nationaliteit. 

    Voorbeeld: een buschauffeur voor een reisorganisatie moet voldoende fysiek in staat zijn om lange afstanden te rijden. De veiligheid van de reizigers is immers belangrijk. Je moet een rit weigeren met een chauffeur, die niet in staat is om op veilige wijze lang te rijden.

    Bekijk ook deze situaties: Chronische ziekte bij chauffeur    Overgewicht    Zediger uniform

Voor een indirect onderscheid op deze criteria:

  • Handicap (dus redelijke aanpassingen zijn verplicht.)
  • Gender
  • Leeftijd
  • "Zogenaamd" raciale kenmerken (huidskleur, nationale of etnische afstamming, ...)
  • Seksuele geaardheid
  • Geloof of levensovertuiging

Voorbeeld: een slechtziende met blindengeleidehond solliticeert als operatieassistente en houdt haar hond altijd bij zich. Door de hoge hygiënevereisten in een operatiekwartier is dit onmogelijk. Je weigert haar niet omdat ze slechtziend is, maar omdat ze een blindengeleidehond heeft. Dit is een indirecte link met het criterium handicap. Het weigeren van een blindengeleidehond is een passende en noodzakelijke maatregel om de hygiënevereisten te bereiken.
Ze kan echter wel solliciteren als onthaalbediende, want daar komt iedereen langs en zijn er minder strikte hygiënevereisten. 

Samenvatting:

  • Er moet sprake zijn van een daadwerkelijk onderscheid in behandeling (minder gunstige behandeling) van personen in een vergelijkbare situatie, waarbij er sprake is van een discriminatiegrond zoals bedoeld in de wet.
  • Met het onderscheid in behandeling moet een objectieve, niet-willekeurige en voldoende zwaarwichtige arbeidsgerelateerde doelstelling worden nagestreefd (legitiem doel). De magistraat moet in dit geval peilen naar de ware bedoelingen van de persoon, die wordt aangeklaagd voor vermeende discriminatie.
  • De middelen moeten het realiseren van de doelstelling effectief mogelijk maken. Een maatregel, die geen verband houdt met de nagestreefde doelstelling, is niet relevant (passende karakter van de maatregel).
  • De maatregel, die wordt genomen om een bepaald doel te bereiken, moet redelijk zijn in vergelijke met alternatieven met een minder nadelige impact (noodzakelijke karakter van de maatregel).

eDiv